Inspectie explosieveilige installaties (ATEX)

ATEX richtlijn

De ATEX richtlijn is van toepassing op alle plaatsen waar ontploffingsgevaar kan heersen. De richtlijn heeft een breed werkingsgebied en omvat naast gas-explosiegevaar ook stofexplosiegevaar. Werkgevers die te maken hebben met explosiegevaar zijn actief binnen branches zoals de (petro)chemie, de verfindustrie, de papierindustrie, de voedingsmiddelenindustrie en de houtverwerkende industrie. Ook bedrijven die hoge druk gas transporteren en reduceren of bedrijven die hoge druk gas als brandstof gebruiken dienen te voldoen de ATEX richtlijn.

Wettelijke aspecten

Volgens het Arbeidsomstandighedenbesluit § 2a “Explosieve atmosferen” artikel 3.5 a t/m f is de werkgever verplicht zorg te dragen voor de veiligheid en de gezondheid van zijn werknemers inzake alle met explosieve atmosferen verbonden aspecten. Dit besluit is in lijn met de Europese Richtlijn 1999/92/EG ATEX 153 (voorheen ATEX 137). Voor de apparatuur die in een explosiegevaarlijke omgeving is geïnstalleerd geldt dat deze moeten voldoen aan de ATEX 114 richtlijn (voorheen 95).

Waarom inspecties

De werkgever is verplicht een beheer- en onderhoudsbeleid te voeren dat is gericht op het beschermen van de werknemers tegen explosiegevaar en moet kunnen aantonen dat aan de wettelijke zorgplicht is voldaan.

Met goed onderhouden explosieveilige installaties wordt de veiligheid van werknemers geborgd en wordt de kans op economische schade beperkt. Vol-gens het Arbeidsomstandighedenbesluit moet de explosieveilige installatie voor de eerste ingebruikname en periodiek worden geïnspecteerd als controle op de onderhoudstoestand van de installatie. Met het inspectierapport kan de instal-latie-eigenaar aantonen dat de installatie op verantwoorde wijze is geïnspecteerd.

Een werkgever is verplicht een beheer- en onderhoudsbeleid te voeren dat is gericht op het beschermen van de werknemers tegen explosiegevaar en moet kunnen aantonen dat aan de wettelijke zorgplicht is voldaan. Met goed onderhouden explosieveilige installaties wordt de veiligheid van werknemers geborgd en wordt de kans op economische schade beperkt. Volgens de het Arbeidsomstandighedenbesluit moet de explosieveilige installatie voor de eerste ingebruikname en periodiek worden geïnspecteerd als controle op de onderhoudstoestand van de installatie. Met het inspectierapport kan de installatie-eigenaar aantonen dat de installatie op verantwoorde wijze is geïnspecteerd.

De ATEX richtlijn is van toepassing op alle plaatsen waar ontploffingsgevaar kan heersen. De richtlijn heeft een breed werkingsgebied en omvat naast gas-explosiegevaar ook stofexplosiegevaar. Werkgevers die te maken hebben met explosiegevaar zijn actief binnen branches zoals de (petro)chemie, de verfindustrie, de papierindustrie, de voedingsmiddelenindustrie en de houtverwerkende industrie. Ook bedrijven die hoge druk gas transporteren en reduceren of bedrijven die hoge druk gas als brandstof gebruiken dienen te voldoen de ATEX richtlijn.

Kwaliteit van de inspectie

Op internationaal niveau is een normenserie ontwikkeld, de IEC 60079-xx, waarin de eisen zijn vastgelegd die worden gesteld aan het beheer en onderhoudop welke wijze van de explosieveilige installaties moet worden beheerd en onderhouden. Voor wat betreft de kennis en bekwaamheid van inspecteurs en onderhoudspersoneel is de IECEx-05 van toepassing. Nederland heeft deze normen overgenomen in de normenserie NEN-EN-IEC 60079-xx.

Tot het adequaat beheer en onderhoud van de explosieveilige installatie behoren:

  • het opstellen en onderhouden van het Explosie Veiligheids Document (EVD);
  • een eerste explosieveiligheid inspectie voor de in gebruik name van de installatie;
  • een periodieke inspectie tijdens de levensduur van de installatie.

SCIOS-inspectie

De stichting SCIOS heeft de scope 11 ‘Inspectie van explosiegevaarlijke installaties’ ontwikkeld, gebaseerd op de NEN-EN-IEC 60079-17. De scope wordt naar verwachting in 2017 officieel opgenomen in haar certificatieregeling nadat de Raad voor Acccreditatie de scope heeft beoordeeld. Voor de kennis en bekwaamheidseisen van inspec-teurs wordt verwezen naar de IECEx-05.

De inspectie omvat de gehele explosieveilige installatie met als hoofdonderwerpen:

  • Beoordeling van het EVD op:
    • risicoanalyse;
    • gevarenzone-indeling;
    • lijst van het elektrisch materieel, inclusief certificaten;
    • onderhoudshistorie;
    • volledigheid (update).
  • Beoordeling van de keuze apparatuur, installatieapparatuur, conditie en het juiste certificaat van het elektrisch materieel;
  • Lekbronnen beoordeling.

Inspectiebedrijven die in het bezit zijn van het SCIOS-certificaat voeren inspecties uit van een hoog kwaliteitsniveau. De kwaliteit van de inspectie wordt geborgd door een periodieke beoordeling van het inspectiebedrijf door de Certificatie-Instelling op:

  • Het kwaliteitsmanagementsysteem van het inspectiebedrijf, jaarlijks;
  • De kennis en vaardigheid van de inspecteurs (conform IECEx 05), eens per 18 maanden;
  • Meetinstrumentenbeheer, jaarlijks.

 

ATeX-logo